Liefdesverdriet voor je land: boekrecensie van Always Another Country

Schrijvers met liefdesverdriet vertellen de mooiste verhalen. Een gebroken hart lijmt zich verhalend weer aan elkaar. Elke scherf, elke barst, elke scheur, wordt bezegeld in lagen van woorden, zinnen en paragrafen; je heelt je pijn, verlies en rouw in een spinnenweb van taal en syntax. De verhalen die we vertellen over de liefdes die we kwijt zijn geraakt, die ons hebben verraden, die ons ontnomen zijn, bezitten aldus de kracht van talismannen. Het zijn net amuletten. Van hand naar hand, van mond tot mond, van hart naar hart, verspreiden deze verhalen heling en verlichting. Zo ook Always Another Country, van Sisonke Msimang.

DOOR OLAVE NDUWANJE

Msimangs autobiografie leest als een balsem, verkoelend en verzachtend, op mijn onderhuidse wonden. De wonden van een leven in ballingschap, telkens weer onderweg naar de belofte van thuis en behoren. Zij was jonger dan ik toen haar vlucht begon. In feite is zij in ballingschap geboren. Haar lange reis naar het beloofde thuisland, een bevrijd Zuid-Afrika, is geen terugkomst. Het is een aankomst, een komst van ver en wijd geweest. Het is gehaast, onverhoopt, hongerig en onhandig. Het is een vluchten, naar veiligheid, naar behoren en toebehoren aan. De uitgesproken en onuitgesproken belofte van het einde van een leven in ballingschap is: “Je mag hier wortelen, de aarde hier zal je voeden en in balans houden. Hier zal je herkend en erkend worden.”

Msimangs vlotte proza geleidt je, met zachte hand, door opeenvolgende cyclussen van worteling en ontworteling, verlies en herstel. Een vlotheid en zachtheid waarvoor haar lotgenoten, kinderen die in ballingschap zijn geboren of opgegroeid, haar dankbaar zullen zijn. Ze legt de nadruk op de liefde van haar vader, de loyaliteit van haar moeder, de warmte van haar vriendschappen, de kracht van verworven inzichten en de schoonheid van een bevragend intellect. Ze beweegt met een lichtheid die jarenlang therapeutisch werk verraadt over traumatische en beladen herinneringen heen. Ze doet het makkelijk overkomen, omdat ze er zo hard aan heeft gewerkt. Sisonke is geen verscheurd schrijfster.

Je mag hier wortelen, de aarde hier zal je voeden en in balans houden. Hier zal je herkend en erkend worden.

Ze biedt geen open wonden aan als een spektakel van zwarte pijn, Afrikaans verdriet, Zuid-Afrikaanse woede en intellectuele verbittering. Integendeel, Always Another Country is een voorbeeld van de kracht van een gegrond schrijfster, van de emotioneel volwassen vertelster. Ze weeft een rijk verhaal, genereus en voedend. Ze is introspectief en kritisch, zonder te preken. Ze zoekt het conflict op met zichzelf, en haar lezers; ze daagt uit, zonder te shockeren. Haar leven, haar vertelling erover, is niet voor pottenkijkers en sensatiezoekers. Haar groeiproces is niet consumeerbaar, ze lijkt te weten en te zeggen: “Ik heb geen redders nodig. De gebruikelijke rampen, armoede, trauma en onderdrukkingsporno maken geen onderdeel uit van dit Afrikaanse verhaal.” Always Another Country is dan wel haar debuutroman, maar Sisonke is duidelijk geen beginner. Ze houdt vat op haar verhaal, ze durft zichzelf te definiëren. Ze initieert een begrensd gesprek en maakt het daardoor een zeldzaam terrein; een didactische arena waarin een zwarte Afrikaanse vrouw de regie behoudt over haar verhaal, de betekenis en waarde ervan, en de reikwijdte ervan.

Reikwijdte is belangrijk hier, positionering is essentieel. Sisonke’s narratief getuigt van een verfijnd gevoel voor context, perspectief en de doorwerking van privilege. Van Zambia naar Kenya, van Kenya naar Canada, Canada terug naar Kenya, Ethiopië, Zuid-Afrika, de Verenigde Staten, Mozambique; in elk land weer, elke andere geografische en sociaal-maatschappelijke realiteit, doet Sisonke verslag van de gelaagde werking van privilege, status, frames, macht en onmacht. Van kind tot tiener, tiener tot jong-volwassene, van vluchteling tot thuiskomer, van een minderheid tot de telg van VN expatriats, van activiste tot leidinggevende, van NGO-directeur tot freelance columniste, van dochter tot moeder; Sisonke’s vele gedaantewisselingen geven blijk van de complexiteit, ongrijpbaarheid en voorwaardelijkheid van identiteit. Voorwaardelijk in tijd en plaats. Ongrijpbaar omdat onze levens ongrijpbaar zijn; omdat we groeien, veranderen, vertrekken en wortelen. Complex en genuanceerd door de werking van macht: onze identiteiten bestaan namelijk uit geconstrueerde polen en tegenpolen van macht. Sisonke’s kritische openhartigheid en caleidoscopisch realiteitsbesef nodigt uit tot introspectie: “Hoe word ik uitgesloten, gemarginaliseerd, gestigmatiseerd, geramde? Waarin ben ik geprivilegieerd? Hoe ontmantel ik mijn privileges? Hoe bevrijd ik mezelf? Kan ik anderen bevrijden?”

Always Another Country is, kort gezegd, een “coming to maturity”-verhaal. In een serie van doorreizen zien we haar elke fase van haar leven invlechten in een open gestructureerde identiteit. Sisonke omarmt de noodzakelijkheid en onvermijdelijkheid van verandering. Ze groeit tot een sturende kracht van haar reis en ontwikkeling; niet langer passagier van een doorgetrokken vluchtroute van een jong stel in ballingschap. Wel besteedt ze teleurstellend weinig aandacht aan haar ontwikkeling van kind van nomadische ouders tot nomadische (stief)moeder van kinderen. Sisonke kiest er vermoedelijk voor om niet voor haar kinderen te spreken, om hun ervaring en pijn van ontworteling niet te thematiseren. Een keuze die zeker legitiem is. Desalniettemin zie ik ruimte tot bezinning over haar keuze voor ook een ontworteld leven voor haar kinderen. Een keuze die risico’s met zich meebrengt, maar ook wel beloften. Als kind van nomadische ouders, echter, smacht ik al lezend naar een uitleg, een verantwoording voor die keuze.

Sisonke omarmt de noodzakelijkheid en onvermijdelijkheid van verandering.

Sisonke Msimangs autobiografie is bovenal een etnografische casus; een verslag van de wanhopige liefde van kinderen van vluchtelingen voor hun thuisland. Een liefde doordrenkt van de pijn van vervreemding en de last van ambitie. Ambities geformuleerd en opgelegd door welwillende, veeleisende ouders; ouders wiens offers verwarrend vervlochten zijn in een toekomstvisie voor hun kinderen, voor hun land, voor zichzelf en voor de wereld zelfs. In Sisonke Msimangs eigen woorden: “We weren’t just children – we were representatives of ideals. We were a clean slate and a fair go and a new breed and everything our parents wished for in South Africa.” Een liefde die ons opeist, onze dienstbaarheid en talenten op de proef stelt, een liefde die ons kan consumeren. Het is een liefde die grotendeels eenzijdig is, troostend zolang die onbeproefd blijft.

Sisonke’s liefde voor een vrij Zuid-Afrika wordt uiteindelijk wel op de proef gesteld. Ze gaat er haar stukje vrijheid opeisen. Haar plekje in post-Apartheid Zuid-Afrika groeit echter uit tot een ongemakkelijke realiteit. Onderdrukking, marginalisering, ziekte, armoede, corruptie, criminaliteit, klassisme en racisme confronteren haar met de werkelijkheid van een geleefde liefde. Een liefde die teleurstelt, pijn doet, maar ook uitnodigt tot betrokkenheid, tot inzet. Sisonke’s liefde voor haar vrije Zuid-Afrika noem ik geen nationalisme. Nationalisme is impotent in haar eenvoud, oppervlakkig in haar onvoorwaardelijkheid, kinderlijk in haar fanatisme. Sisonke’s liefde voor Zuid-Afrika is, daarentegen, kritisch, veeleisend, boos en ongekuist. Het is een volwassen liefde; een potente vaderlandsliefde vol met inspiratie, inzicht, intentie en bestemming.

Sisonke Msimangs is een aanrader voor buitenstaanders en degenen die hen liefhebben. Het is een balsem voor ballingen en hun erfgenamen. Het is een eerbetoon aan activisten en hun onderwerp van kritiek. Het is een memoire van verzet en privilege. Het is een aansporing tot introspectie en transparantie. Het is een uitnodiging aan de Afrikaanse diaspora tot participatie en verwerping van ongerijmd nationalisme. Het is ontroerend en inspirerend; een groot verhaal, klein verteld, voor gebroken harten en zoekende zielen. 

Olave Nduwanje is zwart, veganist, non-binaire trans femme, queer, feminist, Umurundikazi, neuro-atypisch, geldarm en verbeten romanticus. Ze is een van de auteurs in ZWART - Afro-Europese literatuur uit de Lage Landen. Momenteel is Olave ook Kandidaat-Raadslid voor de Haagse Stadspartij